Bpost: een realistische beurskoers?

Door Miranda Van Eetvelde op 12 juli 2013, over deze onderwerpen: Overheidsbedrijven

Sinds het aantreden van Johnny Thijs in 2002 werd bpost op relatief korte termijn omgevormd van een klassiek en log overheidsbedrijf naar een behoorlijk presterend bedrijf, dat sterk werd gemoderniseerd en afgeslankt. Het personeelsbestand werd gevoelig afgebouwd, er vond een sterke centralisatie van de infrastructuur plaats en er werd zwaar ingezet op de automatisering van de processen. Na jaren van voorbereiding is de beursgang van het postbedrijf sinds enkele weken een feit, wat gezien kan worden als de kroon op het werk. Bovendien betekent de recente introductie een opsteker voor de Brusselse beurs, die zo de eerste grote beursgang in 3 jaar kent. Al dit positieve nieuws belet ons niet om enkele kritische vragen en bedenkingen op te werpen: welke zijn de grootste risico’s waar het bedrijf mee wordt geconfronteerd en die op korte en middellange termijn de bedrijfsresultaten en de waarde van het aandeel negatief kunnen beïnvloeden?

De finale introductieprijs werd vastgelegd op 14,5 euro, aan de bovenkant van de indicatieve prijsvork. Een 'goedehuisvadersaandeel' met een sterk dividendrendement van 6 à 8 procent wordt vooropgesteld. De vraag stelt zich echter of dit realistisch is. Het bedrijf situeert zich sowieso in een markt die gekenmerkt wordt door dalende volumes: de brievenmarkt is een krimpmarkt, geen groeimarkt. Bovendien wordt bpost de komende jaren, sinds de beperkte vrijmaking van de markt in 2011, geconfronteerd met een toenemende mate van concurrentie. Zo is het niet ondenkbaar dat, afhankelijk van het resultaat van de gunningsprocedure, bpost vanaf 2016 niet langer zal instaan voor de verdeling van kranten en tijdschriften. Bovendien loopt eind 2018 de huidige termijn van bpost als 'aangewezen aanbieder van de universele dienstverlening' af: vanaf dan kunnen 1 of meerdere aanbieders worden aangeduid voor een periode van 10 jaar. De kans bestaat dus dat bpost niet langer als enige zal instaan voor deze taken. Beide taken – de verdeling van kranten en tijdschriften en de universele dienstverlening – vormen een belangrijke bron van inkomsten voor het bedrijf. Dit houdt aanzienlijke financiële risico’s in, aangezien bpost voor haar omzet sterk afhankelijk is van een beperkt aantal klanten: bijna de helft van de omzet, 47 procent om precies te zijn, is afkomstig van de 100 grootste klanten. Een verloop van enkele grote klanten kan een grote invloed hebben op de omzet.

Het is dus zaak voor bpost om hierop te anticiperen via de inkomsten- en uitgavenzijde. Het bedrijf kampt met een hoog percentage aan vaste kosten en het bespaarde in het recente verleden reeds fors op personeel en infrastructuur. Het personeelsbestand werd de afgelopen 10 jaar teruggebracht van 40.000 naar 26.000 voltijds equivalenten. CEO Johnny Thijs gaf te kennen de komende 5 jaar het personeelsbestand met nog 4 à 6000 extra personeelsleden te willen verminderen. Dit zou neerkomen op een halvering in amper 15 jaar. Aangezien de personeelsleden nu reeds te kampen krijgen met zware fysieke lasten en uitzonderlijk hoge stressniveaus, is het maar de vraag of zo’n bijkomende substantiële vermindering realistisch is? Bovendien gaf de CEO te kennen nieuwe activiteiten en diensten te willen aanbieden, om mogelijke inkomstenverliezen te compenseren. Valt dit te rijmen met de vooropgestelde verdere afslanking van het personeelsbestand? Ook qua infrastructuur zijn de besparingsmarges beperkt. De laatste jaren werd sterk ingezet op de centralisatie van de infrastructuur en werd het aantal postkantoren op 8 jaar tijd gehalveerd. Momenteel zijn er nog 670 postkantoren (aangevuld met 670 postpunten), maar aangezien het vastgestelde minimum 650 bedraagt, is ook hier de marge voor verdere besparingen beperkt.

Slotsom? Het zal er voor bpost op aankomen een goed evenwicht te vinden tussen verdere besparingen en extra inkomsten. Er worden effectief nieuwe activiteiten ontplooid, zoals het 'Shop & Deliver concept', maar valt dit te rijmen met verdere substantiële personeelsverminderingen en afbouw van infrastructuur? En is dit wel mogelijk, goed wetende dat er nu reeds een grote problematiek heerst van fysieke en mentale belasting, die kan leiden tot toenemend absenteïsme? Misschien is het belangrijkste in deze voor bpost wel om een meer realistische beurskoers te varen en af te stappen van de idee fixe van een vrij hoog dividendrendement van 6 à 8 procent.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is